Gupta Strategists werkt vanuit intellectuele onafhankelijkheid.
Dat vinden we zo belangrijk, dat we ook eigen studies uitvoeren om nieuwe inzichten te ontwikkelen.

Naast ons projectwerk maken we structureel tijd vrij voor onafhankelijke studies. Deze studies dragen bij aan onze eigen ontwikkeling en aan de beantwoording van belangrijke maatschappelijke vragen in de zorg. Tevens delen wij op healthdata.gupta.nl diverse, op openbare bronnen gebaseerde, inzichten over de gezondheidszorg.

Studies

Ziekenhuisstudies

In onze ziekenhuisstudies vergelijken we de prestaties van Nederlandse ziekenhuizen en duiden we ontwikkelingen in de sector.
  • Het ĎKjeld Nuisí-effect voor ziekenhuizen

    Kjeld Nuis wist in 2014 zijn enorme potentie niet om te zetten in kwalificatie voor de Olympische spelen. Echter, hij liet het er niet bij zitten, vocht zich terug en iedereen weet waar dat in 2018 in resulteerde: twee gouden Olympische medailles. Wij, als sport­liefhebbers, zien hier een parallel met de financiŽle situatie van ziekenhuizen. Er zijn ziekenhuizen die in solvabiliteit achterbleven, maar zich binnen vier jaar terugvochten en zich ontwik­kelden tot leider van de groep. In de studie Ďhet ĎKjeld Nuisí-effect voor ziekenhuizení laten we hun weg naar succes zien.

    Sinds het begin van deze eeuw is de solvabiliteit van ziekenhuizen sterk verbeterd: van gemiddeld 7% in 2002 naar gemiddeld 25% in 2016. Er waren echter in 2016 nog zeventien ziekenhuizen met een solvabiliteit onder de 20%. Wat zijn de lessen die deze ziekenhuizen kunnen leren van ziekenhuizen die de afgelopen 15 jaar sterk in solvabiliteit zijn gestegen?

    Een lage solvabiliteit? Verbeteren kan altijd!
    Deze studie toont aan dat een lage solvabiliteit niet onoverkomelijk is: in het verleden zijn twintig ziekenhuizen opgeklommen uit een relatief zwakke solvabiliteitspositie naar een relatief gezonde positie. Deze inhaalziekenhuizen hebben, op ťťn na, in 2016 een solvabiliteit van meer dan 20%.
    Na vier jaar in het slop, komt een ziekenhuis er weer bovenop
    De inhaalziekenhuizen behaalden hun relatief gezonde positie gemiddeld in minder dan vier jaar tijd. Hun solva­biliteit nam in deze periode ruim twee keer zo snel toe als die van de rest van de ziekenhuizen.
    Balanstrucs zijn geen goede raad, solvabiliteit omhoog door beter resultaat
    De solvabiliteit van inhaalziekenhuizen is voornamelijk gestegen door een groei in eigen vermogen. Deze toename in eigen vermogen bestond gemiddeld voor 75% uit winst. Bijna alle inhalers verhoogden hun winst meer dan vergelijkbare ziekenhuizen: de gezonde weg naar duurzame verbetering.
    Meer omzet of minder kosten, met beide schopt men het ver, al is de kostenroute het meest populair
    Winst kan vergroot worden door de omzet te ver­hogen en/of de kosten te verlagen. Van de twintig inhaalziekenhuizen zijn er acht die meer omzetgroei hebben gerealiseerd dan vergelijkbare ziekenhuizen, tien die hun kosten hebben gedrukt en twee ziekenhuizen die op beide gebieden verbetering realiseerden. De hersteltijd van de ziekenhuizen die hun omzet ver­grootten, was gemiddeld een klein jaar korter dan van ziekenhuizen die hun kosten drukten. Opvallend is dat verbeteringen op omzet los stonden van aanvankelijke omzetpotenties op basis van een benchmark. Daarentegen waren kostenreducties wel in lijn met de kosten­potenties van ziekenhuizen.
    De ziekenhuizen met een kostenbeleid, besparen het meest op arbeid
    De tien ziekenhuizen die hun kostenniveau hebben verbeterd, bespaarden absoluut gezien het meest op arbeidskosten. Echter, relatief aan de totale kosten per kostentype, is het meest bespaard op kapitaal­kosten. De verschillende typen kostenbesparingen waren redelijk in lijn met aanvankelijke potentie op basis van een benchmark.
    Sluiten
  • Dalende ziekenhuisproductie in 2012

    De financiering van de ziekenhuiszorg veranderde sterk. Bij zo veel veranderingen is het interessant om te zien wat de effecten zijn op de prestaties van de sector. Gupta Strategists analyseerde de jaarverslagen en jaardocumenten van in totaal 54 ziekenhuizen die deze documenten tot nu toe publiceerden. Uit deze analyse blijkt dat totale omzetten van ziekenhuizen ruim een half miljard minder zijn gestegen dan vooraf verwacht mocht worden. De belangrijkste oorzaak hiervan is een daling van de totale ziekenhuisproductie. Dat zagen we niet eerder.

    Download hier de grafieken met resultaten van de eerste analyses
    Bekijk hier het artikel over ons onderzoek in het FD van 16 juni 2013
    Lees hier het artikel op Zorgvisie over dit onderzoek
    Lees hier het artikel op SKIPR over dit onderzoek
    Sluiten
  • Great Expectations

    Ziekenhuizen lieten in 2011 goede prestaties zien: de omzet- en productiegroei zijn gematigd, de kostenstijging is lager dan de inflatie en het B-segment lijkt goed te functioneren.

    We zien nog wel belangrijke punten van aandacht:
    ∑ Fundamentele verandering van de kosten. Arbeidsproductiviteit moet structureel en sneller verbeteren. Ziekenhuizen moeten de mogelijkheden van ICT in het zorgproces beter gaan gebruiken.
    ∑ Transparantie over oorzaken van groei. We zien een steeds hogere kans op een (dag)opname en grote verschillen in de groei van ziekenhuismarkten. Ziekenhuizen leggen nog te weinig verantwoording af over de oorzaken van deze ontwikkelingen.
     
    Klik hier om 'Great Expectations' in iBook-formaat te downloaden (Let op: Alleen leesbaar in 'Landscape' (horizontale) stand)
    Sluiten
  • Alice's adventures in Wonderland

    De omzet- en kostenstijging van de Nederlandse ziekenhuizen vielen in 2010 een stuk lager uit dan waar we in de voorafgaande jaren aan gewend waren geraakt. Wel groeide het vrij onderhandelbare B-segment veel harder dan het gebudgetteerde A-segment. De immateriŽle vaste activa leken als door een wonderdrank gegroeid. Verrassend genoeg waren de inkoopkosten na jaren van sterke groei opeens gekrompen. Deze prestaties verbaasden ons.
     
    Sluiten
  • De Donkere Kamer van Damokles

    In 2009 kromp de Nederlandse economie sterk, maar niet in de ziekenhuissector. Daar was het 'business as usual': meer productie, een fenomenale omzetstijging, stijgende lonen en meer personeel. Recessie of niet, onze behoefte aan zorg groeit, de mogelijkheden om deze te leveren nemen toe en onze bereidheid ervoor te betalen neemt nog niet af. Dit zal ertoe leiden dat het huidige model onbetaalbaar wordt. Maar in 2009 was het nog niet zover: de ziekenhuissector was een hulpmotor van de economie.
     
    Sluiten
  • Zen and the Art of Hospital Maintenance

    Gupta Strategists presenteert een Ďearly warning systemí om vroegtijdig ziekenhuizen in kaart te brengen die een hoog financieel risico lopen. Doordat ziekenhuisopbrengsten in 2008 blijven stijgen, terwijl de productiviteit verder daalt, komt de toekomstige financiering van de zorg nog verder onder druk te staan. Vroegtijdig detecteren van ziekenhuizen met een financieel risico en adequaat ingrijpen kan hoge maatschappelijke kosten van reddingsoperaties voorkomen.
     
    Sluiten
  • Brave New World

    Gupta Strategists analyseert de ziekenhuisprestatie over 2002-2007 en blikt vooruit op de ontwikkelingen in de komende 5 jaren:
    ďSterke groei, overal verbetering en toenemende verschillen tussen ziekenhuizenĒ
     
    Sluiten
  • The Odyssey

    De financiŽle positie van Nederlandse ziekenhuizen is in 2006 substantieel verslechterd. Tegelijkertijd neemt het verschil tussen financiŽel gezonde en kwetsbare ziekenhuizen toe. Ook de verschillen in marktprestatie worden groter. Gupta Strategists concludeert dat door de toenemende prestatieverschillen voor kwetsbare ziekenhuizen druk zou kunnen ontstaan om te fuseren, te krimpen of te verbeteren.
     
    Sluiten
  • The Twilight

    Ziekenhuizen zijn minder productief, ook al houden patiŽnten ironisch genoeg wel van efficiŽnte ziekenhuizen. In 2005 is weer bevestigd dat voor ziekenhuizen een "one size fits all"-strategie niet werkt. Gupta Strategists heeft becijferd dat een teruglopende productiviteit de maatschappij EUR 140 m extra heeft gekost in 2005 t.o.v. 2004, gecorrigeerd met inflatie. Maar 39 van de 93 ziekenhuizen hebben juist hun prestatie verbeterd en een maatschappelijke winst geleverd van EUR 120 m. Het is dus onterecht om voor alle ziekenhuizen dezelfde benadering te kiezen.
     
    Sluiten
  • The Pied Piper

    Na jaren van dalende prestaties, hebben Nederlandse ziekenhuizen hun resultaten in 2004 sterk verbeterd. De productiviteit steeg sterk en de winst groeide spectaculair met meer dan EUR 100 miljoen. Belangrijker nog is dat bijna alle ziekenhuizen het beter deden: 74 van de 90 verbeterden hun productiviteit, en 85 van de 90 ziekenhuizen hebben over 2004 positieve resultaten behaald. Gupta Strategists concludeert dat er in 2004 al sprake was van enige mate van marktwerking. In sommige regio's, bijvoorbeeld in Rotterdam, is er een correlatie tussen kosten, marktprestatie en financiŽle prestatie. In de competitieve gebieden begon marktwerking zijn vruchten al af te werpen voor het van toepassing zou zijn!
     
    Sluiten

Sectorbrede studies

We publiceren over diverse onderwerpen die relevant zijn voor de Nederlandse gezondheidszorg.
  • Predicting the Unpredicable

    Het elektronisch patiŽntendossier bevat een schat aan gestructureerde en ongestructureerde informatie over patiŽnten, hun aandoening en historie. Deze gegevens kunnen helpen om de zorg voor patiŽnten te verbeteren. Met big data-technieken is bijvoorbeeld de benodigde zorg voor een patiŽnt beter te voorspellen. De laatste jaren is er veel gepubliceerd over deze en andere beloften van big data in de zorg, maar realisatie van dit potentieel blijft nog grotendeels uit. Het inlossen van de belofte vraagt toepasbare en overtuigende voorbeelden. Het doel van onze studie is te laten zien dat toepassingen dichterbij zijn dan gedacht en dat deze zelfs relatief makkelijk zijn te integreren in bestaande systemen.
    In deze studie laten we zien dat big data-analyse bijdraagt aan het voorspellen van ťťn van de meest impactvolle vormen van zorg: de opname op een intensive care. De studie laat zien dat we voorspellingen kunnen doen aan de hand van enkel administratieve gegevens: gegevens die in elk ziekenhuis in Nederland al in gestructureerde vorm beschikbaar zijn in het EPD. We hebben daarvoor een geanonimiseerde dataset van een half miljoen zorgtrajecten geanalyseerd, waarna we voor individuele patiŽnten een voorspelling konden maken van de ic-opname. De waardering van het voorspelmodel varieert van Ďexcellentí (AUC 0,90) voor electieve patiŽnten tot Ďredelijkí voor spoedpatiŽnten (AUC 0,74).
    Deze proof-of-concept-studie laat zien dat met een beperkte, maar breed beschikbare dataset al bruikbare voorspellingen te doen zijn. Door de schat aan beschikbare informatie te benutten, dragen we bij aan het verbeteren van de zorg.
     
    Sluiten
  • Zorg thuis: koplopers kopiŽren

    No Place Like Home

    Thuis chemotherapie krijgen. Vanuit huis samen met je cardioloog je hartfunctie in de gaten houden. ís Nachts nierdialyse uitvoeren, in je eigen bed. De voorbeelden van ziekenhuiszorg thuis zijn legio. De voordelen zijn evident. Waarom moeten patiŽnten dan nog zo vaak een ritje naar het ziekenhuis maken? We beschrijven in de nieuwe versie van de onafhankelijke studie No Place Like Home welke barrières de verplaatsing van zorg naar huis vertragen. En de oplossing? Die schuilt in kopiŽren wat anderen al doen. Het aanpassen van de talloze patient journeys die naar huis kunnen is te kostbaar om als ziekenhuis zelfstandig te doen.
    46% van de zorg die in het ziekenhuis plaatsvindt, kan ook thuis. Dat beschreven we vorig jaar in de eerste versie van onze studie No Place Like Home. Daarvoor is wel een ingrijpende verandering van de zorg nodig.

    Vier barrières vertragen de transitie van zorg naar huis

    Als er zůveel zorg naar huis zou kunnen, waarom gebeurt dat nu dan nog maar op kleine schaal? Dat komt door vier barrières. De eerste en belangrijkste barrière zit in de mensen zelf. Het gaat daarbij om zowel de zorgprofessionals als de patiŽnten zelf. Hun vaardigheden en manier van denken zijn gericht op zorg verlenen en ontvangen in het ziekenhuis. Het vraagt een verandering om te denken vanuit de mogelijkheden van zorg thuis. Veel blijkt koudwatervrees. Elk voorbeeld laat zien dat als de patiŽnt eenmaal thuis zijn behandeling krijgt, iedereen de voordelen ziet en ervaart.
    De tweede barrière is op het gebied van het nemen van data-onderbouwde beslissingen. Het is niet de bedoeling om rŁcksichtslos alle patiŽnten weg te sturen uit het ziekenhuis. Welke patiŽnt kan naar huis en wanneer grijp je als arts op afstand in? Grondige en gestructureerde data-analyse is daarvoor essentieel.
    Ook financiŽle prikkels vormen een barrière bij het naar huis brengen van zorg. Betaaltitels die monitoring op afstand mogelijk maken, schieten nog tekort. Tot slot vormen infrastructuur en logistiek de vierde en laatste barrière. Zorg thuis kan een logistieke nachtmerrie zijn Ė hoe krijg je alle spullen, techniek, verbindingen ťn soms ook medisch personeel thuis? Eigenlijk blijkt dit the least of your worries. Anno 2017 zit het grootste knelpunt nog steeds bij de mensen, barrière 1, en is er in de technische praktijk juist heel veel mogelijk.

    Alleen door koplopers te kopiŽren kan zorg op grote schaal naar huis

    Hoe zorgen we er dan voor dat de transitie van zorg naar huis in een stroomversnelling komt? De crux daarvoor zit in de koplopers kopiŽren. Op dit moment poppen de initiatieven voor het naar huis brengen van zorg als paddenstoelen uit de grond, maar daarbij wordt het wiel steeds opnieuw uitgevonden. En dat terwijl voor 90% van de patiŽnten geldt dat hun patient journey in alle of vrijwel alle ziekenhuizen voorkomt, zoals Gupta Strategists in deze nieuwe studie laat zien. Ziekenhuizen kunnen dus van elkaar de kunst afkijken of gezamenlijk zorg naar huis brengen. Alleen op die manier krijgt de patiŽnt wat hij verdient: de beste zorg, in de beste omgeving.
    Sluiten
  • Waardegedreven Inkoop

    Inkoopkosten zijn een belangrijk onderdeel van de zorgkosten. Ze zijn in tien jaar bijna verdubbeld, terwijl de toegenomen waarde voor de patiŽnt vaak niet duidelijk is. Gupta Strategists toont in deze studie het belang van (medische) inkoop aan en betoogt waarom het een topprioriteit van elk ziekenhuis moet zijn. Gupta geeft daarbij ook praktische tips om de inkoopresultaten te verbeteren.

    Ontwikkeling van strategische inkoop moet topprioriteit zijn

    Het belang van medische producten voor de patiŽntenzorg is onschatbaar groot. De inkoopkosten van Nederlandse ziekenhuizen zijn in tien jaar tijd bijna verdubbeld, tot 8 miljard euro in 2015, dat is circa 30% van de totale kosten. Deze groei is gedreven door dure medicijnen, overige medische producten en ICT. De vraag is welke meerwaarde patiŽnten hiervoor hebben gekregen in termen van gewonnen gezonde levensjaren (QALYís). Uitgaven aan niet-medische producten zoals voeding en energie zijn de afgelopen tien jaar nauwelijks toegenomen. Kijkende naar zorgtrends zoals extramuralisering van ziekenhuiszorg en de groeiende uitbesteding, is te verwachten dat de inkoopkosten zullen groeien naar 50% van de totale kosten. Dit vergt een andere rol van ziekenhuizen van inkoop op prijzen naar regisseur en integrator van (medische) technologie. Ziekenhuizen zijn nog onvoldoende toegerust voor deze nieuwe rol. Inkoop verdient daarom een centrale plek aan de bestuurstafel.

    Resultaten boeken op inkoop is in de praktijk weerbarstig maar haalbaar

    In de praktijk is het weerbarstig om aansprekende inkoopresultaten te boeken. Gupta ziet hier twee redenen voor. Ten eerste hebben leveranciers op veel vlakken een voorsprong op ziekenhuizen: ze hebben een sterke relatie met artsen en veel inhoudelijke kennis van hun productmarkt. Kees Isendoorn zegt daarover: ďAls een arts aankomt bij inkoop dat hij hechtdraad X van merk Y wil hebben, is het spel eigenlijk al gespeeld. De leverancier kan dan meer vragen dan de waarde van het product. Ten tweede laten inkopers, gebruikers en ook consumenten zich te veel verblinden door de sticker Ďmedischí.Ē Jurre de Bruin voegt daaraan toe: ďWaar veel mensen graag bij de Lidl boodschappen vanwege de goede prijs-kwaliteitverhouding, lijkt de prijs bij medische producten ineens niet meer relevant. We betalen rustig EUR 300 voor een bril die EUR 30 zou mogen kosten. Ziekenhuizen in India maar ook Tesla laten zien dat een kritische en ondernemende blik de kosten kan verlagen.Ē
    De weerbarstige praktijk neemt niet weg dat het haalbaar is om goede inkoopresultaten te boeken. Zo realiseerde een ziekenhuis binnen twaalf maanden structureel 18% lagere inkoopkosten zonder op medische kwaliteit voor de patiŽnt in te boeten. Ook de vergelijking van de inkoopprestatie van Nederlandse ziekenhuizen laat zien dat er forse verschillen zijn en dus mogelijkheden om de prestatie te verbeteren. Gupta doet in de studie ook een reeks praktische aanbevelingen om het inkoopresultaat op korte termijn te verbeteren.

    Als de basis op orde is moeten ziekenhuizen omschakelen naar waardegedreven inkoop

    Waardegedreven inkopen komt erop neer dat ziekenhuizen samen met leveranciers de waarde (kwaliteit versus kosten) gaan verhogen voor de patiŽnt. De nadruk ligt dan niet meer op de transactie en op prijzen, maar op partnership en zorguitkomsten. Deze vervolgstap vergt een upgrade van het kennisniveau van inkopers en samenwerking tussen ziekenhuizen. Samenwerking is nodig om de schaal te bereiken die nodig is om de benodigde kennis op te bouwen. Van daaruit kunnen ziekenhuizen met leveranciers nieuwe vormen van zorg ontwikkelen en het totale zorgpad van de patiŽnt herontwerpen (zoals ziekenhuiszorg thuis). Kees Isendoorn: ďICT kan bijvoorbeeld veel bijdragen aan zorg, door ondersteuning van telemonitoring of het geven van behandeladviezen. Het integreren van deze waarde in het zorgproces terwijl ook steeds meer diensten zijn uitbesteed, vergt een regierol van ziekenhuizen. Inkoop kan daar de drijvende kracht in zijnĒ
    Download hier het volledige rapport 'Waardegedreven Inkoop'
    Sluiten
  • The world is a clinical trial

    Het maken van medische beslissingen wordt steeds ingewikkelder. Idealiter moet alle informatie die relevant is voor een beslissing Ė zowel Ďbewijsí als Ďervaringí Ė gemakkelijk en gestructureerd beschikbaar zijn, in een vorm die direct toepasbaar is op de specifieke patientsituatie. Er bestaan al veel toepassingen om Ďbewijsí gemakkelijker toegankelijk te maken, maar voor het systematisch toegankelijk maken van Ďervaringí (die van de arts zelf en die van collegaís) bestaan deze nog niet.
    In deze studie presenteren wij een algoritme dat artsen in staat stelt om zowel hun eigen ervaring als de collectieve ervaring van collegaís bij het beslisproces in te zetten. We hebben dit algoritme ontwikkeld en getest met data uit het elektronisch patiŽnten dossier van Amphia ziekenhuis in Breda. Het algoritme bestaat uit 3 stappen: 1) maak een Ďvingerafdrukí voor elke patiŽnt, 2) vergelijk vingerafdrukken op een Ďsimilarity scoreí, en 3) distilleer relevante inzichten en/of aanbevelingen. De stappen staan samengevat in de figuur hieronder.


    Bij wijze van proof-of-concept laten we in deze studie zien dat het Ďvingerafdrukí-model twee klinische uitkomstmaten kan verklaren en voorspellen: 1) opnameduur, en 2) kans op opname op de Intensive Care. We tonen aan dat het algoritme, zelfs in deze proof-of-concept fase, huidige gepubliceerde voorspelmodellen voor deze uitkomstmaten kan evenaren. Het algoritme zou in de toekomst ook voor andere voorspellingen ingezet kunnen worden. We laten ook zien hoe het algoritme kan worden ingezet als beslisondersteuning.

    We zien 3 mogelijke toepassingsrichtingen voor het Ďvingerafdrukí-algoritme:
    - Learning on the go: een verbeterde versie van het huidige proof-of-concept model. Daarbij zouden aanbevelingen op basis van Ďervaringí ook systematisch getoetst kunnen worden met Ďbewijsí uit de medische literatuur.
    - The world is a clinical trial: het opnemen van het algoritme in een zelflerend model. Wij denken dat dit de basis kan zijn voor een revolutie op het gebied van klinisch wetenschappelijk onderzoek.
    - Management informatie: het algoritme kan door verzekeraars en zorgaanbieders worden ingezet om, bijvoorbeeld, voorspellingen te doen over kosten en planning voor individuele patiŽnten.

    Met deze studie hopen wij bij te kunnen dragen aan het versnellen van ontwikkeling van praktische toepassingen op het gebied van beslisondersteuning. Wij zijn benieuwd naar uw reacties, en discussiŽren graag verder met geïnteresseerden.
     
    Sluiten
  • Winst in de Nederlandse zorgsector

    Gupta Strategists bracht systematisch de winsten in de zorgsector in kaart. Daaruit blijkt dat van de ~EUR 80 mld die wij aan zorg uitgeven in totaal ~EUR 7 mld nettowinst gemaakt wordt. Dit komt neer op ~EUR 430 per inwoner per jaar. Met een winstgevendheid van 10% is de zorg minder winstgevend dan het gemiddelde van alle sectoren (12%).
    In absolute zin belandde het grootste deel van deze winst, EUR 1,8 mld, bij fabrikanten van medische apparatuur en hulpmiddelen. Zorginstellingen verdienden EUR 1,5 mld, en farmaceutische bedrijven verdienden EUR 1,0 mld aan winst in de Nederlandse zorg. Ook gaat EUR 1,1 mld aan winsten naar professionals. Deze zijn min of meer gelijkmatig verdeeld over huisartsen, specialisten, apothekers en paramedici.
    In relatieve zin zien wij dat financiŽle dienstverleners en de farmaceutische industrie de hoogste winstpercentages kennen, respectievelijk 25-30% en 20-25%. Onder professionals variŽren winstmarges tussen 10% en 20%, waarbij huisartsen, paramedici en tandartsen relatief hoog zitten. Intramurale instellingen en ziekenhuizen, zorgverzekeraars, groothandels en de bouw zijn deelsectoren met relatief gezien de laagste winstpercentages (allen 0-5%).
    Wij vinden in onze studie dat de winst correspondeert met de macht die de verschillende spelers in de zorg hebben. De mate van winstregulering correspondeert juist niet met de machtspositie. De huidige winstregulering is het zwaarst op de minst machtige deelsectoren die winstregulering het minst nodig hebben. Voor deelsectoren waar de relatieve machtspositie hoog is, zoals de farmaceutische industrie en zorgprofessionals, is juist weinig winstregulering.
    Blijkens de vurige maatschappelijke discussie over winst in de zorg voelt (over)winst voor velen als oneerlijk. Misschien dat de heftigheid van het debat wordt gevoed door de machteloosheid van de politiek om de winsten terug te dringen. Dat komt doordat winst de resultante is van macht en de sectoren waar winst gemaakt worden ook te machtig zijn om de winsten te reguleren.
    Uiteindelijk is winst echter maar een klein deel van de zorgkosten. Ook als de volledige winst kan worden afgeroomd, blijft er nog ongeveer 90% van de zorgkosten over en leven we momenteel gemiddeld 20 jaar in slechte gezondheid. Het lijkt dus belangrijk om te focussen op de kwaliteit van onze zorg en de doelmatigheid in plaats van puur de winstgevendheid.
    Sluiten
  • No place like home

    Uit onderzoek van Gupta Strategists blijkt dat 45% van de zorg die nu in ziekenhuizen verleend wordt naar huis verplaatst kan worden. Dit is goed nieuws voor de patiŽnt. Zorg thuis betekent dat patiŽnten sneller het normale leven weer kunnen oppakken. De consequenties van deze verplaatsing voor de betrokkenen zijn groot. PatiŽnten en zorgverleners moeten zich voorbereiden op deze verandering. In deze studie brengt Gupta Strategists de veranderingen systematisch in kaart.
    De verplaatsing van zorg naar huis is gebaseerd op twee pijlers: behandelapparatuur die thuis geplaatst kan worden om patiŽnten te behandelen en monitoren en de beschikbaarheid van grote datastromen waarop artsen hun risico inschatting van wanneer iemand naar huis kan verbeteren.
    Thuis behandelen betekent dat de grens tussen gezond en ziek vervaagt. PatiŽnten moeten dus nog meer leren te leven met hun ziekte en hun normale leven combineren met hun leven als patiŽnt. Ze moeten regie over hun eigen ziekte nemen. Ze staan hierin niet alleen. In de analogie van een ziekte als het besturen van een vliegtuig, wordt een patiŽnt van passagier, piloot. Verpleegkundigen krijgen de rol van copiloot van de patiŽnt en zullen een nog meer coachende taak krijgen in plaats van het zelf helpen van patiŽnten. Zij zullen vaker op hun handen blijven zitten terwijl de patiŽnt versterkt wordt in de regie over zijn ziekte.
    Voor artsen betekent de behandeling thuis misschien wel de grootste verandering. Het 1-op-1 contact tussen patiŽnt en arts zal grotendeels verdwijnen. Van piloot wordt de arts luchtverkeersleider die een grote groep patiŽnten op afstand bewaakt en behandelt. Artsen zijn in staat deze vaardigheden te leren, maar het is een ander perspectief dan waarvoor zij tot nu toe zijn opgeleid
    Sluiten
  • GGZ studie 2016

    De GGZ studie 2016 ĎWaar is de gulden een daalder waard?í brengt kwaliteitsprestaties in verband met financiŽle prestaties binnen de GGZ sector. Samengevat zijn er een aantal belangrijke observaties. De Nederlandse GGZ voegt waarde toe. De totale kosten van psychiatrische aandoeningen in Nederland zijn lager dan in de rest van Europa. De (bezuinigings)druk op de instellingen is groot. Vooral grote instellingen hebben het financieel moeilijk getuige de lage winstmarges en een groot aantal instellingen dat verliesgevend is. De spreiding van kwaliteitsprestaties is enorm. Deze inzichten zijn publiek beschikbaar, maar worden nog nauwelijks gebruikt. De potentie van de sector wordt onvoldoende benut: beter gebruik van kwaliteitsinformatie van aanbieders zal het rendement van de sector vergroten. Het gebruik van kwaliteitsinformatie gebeurt nauwelijks, maar er is al jaren sprake van bezuinigingen. Dit is kapitaalvernietiging en heeft te weinig oog voor de waarde die de sector creŽert voor de Nederlandse maatschappij. Meer oog voor de waarde die de sector creŽert geeft een betere dynamiek en zorgt voor meer gezondheidswaarde voor minder euroís.
    Sluiten
  • De weg naar verandering

    De afgelopen jaren zijn wij nauw betrokken geweest bij grote veranderprocessen in ziekenhuizen. Het echte veranderen blijkt, zeker in ziekenhuizen, erg moeilijk. Dat was voor ons de aanleiding voor het schrijven van een studie naar veranderen.

    Hoe zorg je er voor dat een ziekenhuis succesvol verandert?


    In ĎDe weg naar veranderingí geven wij antwoord op deze vraag. Deze studie verbindt onze projectervaringen, interviews met ervaringsdeskundigen uit de Nederlandse ziekenhuissector en de theorie achter veranderen.

    Wat blijkt? Veranderen is niet zozeer een briljant idee, maar eerder een beweging met een planbare route.


    Als je hierin een aantal belangrijke stappen goed plant en doorloopt, kun je het veranderproces de baas blijven. In zeven hoofdstukken belichten we de belangrijkste stappen bij het leiden van een verandering. Deze studie biedt houvast en inspiratie om een succesvolle verandering te realiseren.
     
    Sluiten
  • Zorg in het kielzog van de economie

    De afgelopen jaren is de groei van zorgkosten opvallend afgevlakt, zowel in Nederland als in andere westerse economieŽn, zoals de VS. In de VS zijn er aanwijzingen dat deze afvlakkende groei van zorgkosten nauw samenhangt met de economie. De vraag is: geldt dat ook voor Nederland? En zo ja, wat betekent dat voor de verwachte groei van zorgkosten in de komende jaren, het zorgbeleid en voorspellingsmodellen?

    Uit deze studie van Gupta Strategists blijkt dat circa 80% van de zorgkostengroei wordt verklaard door de groei van het BBP en inflatie. Het BBP is met 50% de grootste factor. De inflatie verklaart 30% van de zorgkostengroei. Dit blijkt uit een analyse van de cijferreeksen van het Bruto Binnenlands Product (BBP), de inflatie en de zorgkosten over de afgelopen 35 jaar.

    Klik hier om de studie 'Zorg in de kielzog van de economie' te downloaden
    Klik hier om het artikel in het FD over dit onderzoek te downloaden
    Lees hier het artikel op Zorgvisie over dit onderzoek
    Lees hier het artikel op SKIPR over dit onderzoek
    Sluiten
  • Het sociale hart van zakelijk Nederland

    In het regeerakkoord tussen PvdA en VVD zijn bezuinigingen in de ouderenzorg voorgesteld van EUR 2,8 mrd. Gupta Strategists onderzocht de mogelijke effecten van deze bezuinigingen en rekende in verschillende scenario's de haalbaarheid van de bezuinigingen en de impact op de koopkracht door.

     

    Het onderzoek laat zien dat alle ouderen die zorg nodig hebben er flink op achteruit gaan. Alleen bezuinigen bij mensen met hoge inkomens is ontoereikend. Ook de middeninkomens zullen er flink op achteruit gaan en iedereen zal aanzienlijk meer zorg zelf moeten organiseren.

    Download hier het onderzoek 'Het sociale hart van zakelijk Nederland'

    Sluiten
  • MDL studie 2012 - Gupta Strategists en Erasmus MC

    200 duizend kilometer spijsverteringskanaal Ė onderhoud gewenst!

    Enige tijd terug werd aangekondigd dat een bevolkingsonderzoek naar darmkanker niet door zou gaan omdat er te weinig geld beschikbaar was. Dit terwijl het toch voor relatief weinig geld veel levens kan redden en het programma in enkele andere EU landen al loopt. De redenering van de overheid wekte verbazing bij zorgverleners, omdat die puur gericht was op kosten en niet op de maatschappelijke waarde van de geredde levens. Het Erasmus MC en Gupta Strategists hebben de stap gezet om de waarde van de langere en gezondere levens te belichten. Dat biedt een heel andere kijk op politieke keuzes over de gezondheidszorg. We hebben daarbij niet alleen gekeken naar de screening op darmkanker, maar ook naar wat innovaties in de zorg tot nu toe eigenlijk hebben opgeleverd. Inmiddels is besloten dat het screeningsprogramma toch in Nederland wordt ingevoerd. Deze studie is nu vooral bedoeld om mensen die voor de screening in aanmerking komen te stimuleren om deel te nemen en om andere geïnteresseerden te informeren over het perspectief van Erasmus MC en Gupta Strategists.
     
    Sluiten
  • Code Red - Scenario voor zorgontwikkeling 2009-2014

    In 2009 stelde het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport nieuwe maatregelen voor tegen de gevolgen van de economische crisis voor de zorg. Wij onderzochten de effecten van deze maatregelen. Daarbij werd duidelijk dat het voorgestelde bedrag van 2,4 miljard euro extra bezuinigingen in het niet viel bij het gat tussen de belasting- en premieopbrengsten en de groei van de zorgkosten. Het rapport belicht potentiŽle besparingen door uitbreiding van het B-segment en verbetering van chronische zorg. Tot slot bespreken we de mogelijkheid van sluiting van ziekenhuizen als efficiŽntieverbetering niet haalbaar blijkt.

     

    Download hier de volledige versie van het rapport 'Code Red'

    Sluiten
  • B-segment: Onderzoek naar de belangrijkste ontwikkelingen

    In 2008 onderzochten wij in opdracht van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) de ontwikkelingen in het B-segment. De introductie van vrije prijzen en volumes in 2005 ging gepaard met hoge verwachtingen. Marktwerking werd aangedragen als oplossing om ons zorgniveau op hetzelfde hoge niveau te behouden. De NVZ wilde de discussie over marktwerking naar een hoger niveau brengen en de feitenbasis verrijken. In dit rapport analyseren we verschillende databases over meerdere jaren en concluderen dat de mogelijke voordelen van de ontwikkelingen in het B-segment veel overtuigender zijn dan de mogelijke nadelen.

    Download hier de managementsamenvatting van 'Effecten B-segment'

    Download hier de volledige studie 

    Sluiten
  • Studiereis Verenigde Staten 2007

    In 2007 organiseerde Gupta Strategists een studiereis naar de Verenigde Staten. Samen met directeuren van Nederlandse ziekenhuizen en een verzekeraar bezochten we vijf ziekenhuisorganisaties, een verticaal geïntegreerd zorgsysteem en een universiteit. We bekeken innovatieve manieren van zorgverlening en discussieerden over voor- en nadelen. De innovaties omvatten allemaal verschillende aspecten van de zorgverlening en kwamen op verschillende manieren tot stand. Tegelijkertijd deelden de betrokken organisaties vijf essentiŽle elementen in hun zoektocht naar verbetering. Deze zijn ook van toepassing op de zorg in Nederland.

     

    Download hier het rapport van onze studiesreis naar de VS

    Sluiten

Ouderenzorgstudies

In onze ouderenzorgstudies brengen we ontwikkelingen in de ouderenzorg in kaart en vergelijken we de prestaties van individuele instellingen.
  • Het nieuwe normaal

    In de ouderenzorg hebben groei en voorspelbaarheid plaatsgemaakt voor krimp en turbulentie. In dit Ďnieuwe normaalí hebben zorgaanbieders te maken met drie themaís:
    1. Verschuiving van intramuraal naar thuis. De intramurale zorg krimpt tussen 2014 en 2018 met 22%. Dit vergroot de vraag naar zwaardere zorg bij mensen thuis. Zo is het vpt sinds 2010 met 68% per jaar gegroeid. Ook voor mensen met dementie is een beweging naar huis nodig: nu gaat 86 cent van elke euro zorgkosten voor deze groep nog naar het verpleeghuis.
    2. Beweging van inspanning naar uitkomsten. In de ziekenhuiszorg leidt transparantie over uitkomsten al tot hogere kwaliteit. Introductie van digitale dossiers zoals OMAHA maakt de relatie tussen de geleverde zorg en de uitkomst nu ook in de ouderenzorg inzichtelijk. Daarnaast maakt Zorgkaart Nederland een snelle opmars in de meting van cliŽntervaringen.
    3. Blijvend hogere risicoís. De druk op de exploitatie van zorgaanbieders kan oplopen tot 1 miljard euro in 2018. Risicobeheersing vergt realisme: sluit locaties met lage bezetting, ga uit van zelforganisatie en verlaag overhead. Daarnaast is het belangrijk de stap te zetten naar beloning voor resultaat: staar niet blind op de prijs en kies voor innovatie op volume en kwaliteit.
     
    Sluiten
  • Stilte voor de Storm

    Deze studie laat de goede prestaties van ouderenzorginstellingen zien. De omzet groeit sinds 2009 niet sneller dan inflatie plus groei door vergrijzing, de sector heeft gezonde winstmarges en de vermogenspositie is fors versterkt.

    Deze rustige jaren blijken echter stilte voor de storm, gezien het recente regeerakkoord. Dit zal leiden tot krimp van de sector en dat is uniek in de geschiedenis van de ouderenzorg. De tegelijkertijd geplande overheveling naar gemeenten zal extra uitdagingen met zich meebrengen.

    In deze studie beschrijven we een aantal strategische gevolgen voor zorgaanbieders en overheid. Zo zal het voor zorgaanbieders een omslag in het denken vergen om vanuit een Ďmindset van krimpí nieuwe oplossingen te vinden. Ook staan we stil bij de grote variatie in zorggebruik tussen gemeentes. Dit zal de verdeling van het budget compliceren, maar het is tegelijkertijd een kans om ongewenste regionale praktijkvariatie aan te pakken. De haken en ogen aan de uitvoering door gemeentes is een ander onderwerp van deze studie. Vooral als het gaat om de torenhoge administratieve lasten: die bedragen in de WMO nu meer dan 10%, tegen 1,5% in de AWBZ. Samenwerking met zorgkantoren of zorgverzekeraars zou een effectieve oplossing kunnen zijn.
    Sluiten
  • Zorg voor later

    De inrichting van de ouderenzorg in Nederland is bijzonder. Dit geldt zowel voor de rol van de overheid als voor de onverklaarbare verschillen in ouderenzorg tussen regioís en de verhoudingen tussen intra- en extramurale zorg. 2010 is ook een bijzonder jaar geweest met beperkte groei, doorzettende consolidatie, mooie kostenbeheersing en sterke dynamiek tussen de instellingen, vooral in het extramurale deel. Deze studie brengt de 2010-prestatie van meer dan 400 instellingen in de ouderenzorg in kaart en plaatst ze in Europees perspectief.
     
    Sluiten
  • Trouw aan de belofte †

    In 2008 is de winstgevendheid van Nederlandse verpleeghuizen, verzorgingshuizen en thuiszorginstellingen ten opzichte van 2007 verbeterd. Hierbij viel op dat instellingen die zich alleen richten op de ouderenzorg beter presteerden dan de instellingen met een bredere focus. Er bestonden grote efficiencyverschillen tussen instellingen. Om de ouderenzorg in de toekomst betaalbaar te houden, is efficiŽnter werken noodzakelijk. Deze studie laat op basis van een benchmark zien dat een efficiencywinst tussen 1 en 2,8 miljard euro haalbaar is.
     
    Sluiten